Artikelen

Op 8 maart 2002 werd het volgende artikel geplaatst in de Volkskrant. Ook op deze site kunt u ter illustratie een aantal aan het Gooi gerelateerde affiches vinden. Een kijk in de geschiedenis van het Gooi.

Cassandre aan de muur geprikt in de zon

Nog voordat je het openslaat, heb je het gevoel dat A Century of Posters een, wat je noemt, 'lekker' boek is. Dat komt door de afmetingen (even breder dan A5), en de dikte van drie centimeter die er zich perfect tot verhoudt. Ondanks de dikte blijkt het boek uitstekend hanteerbaar, waarbij de rug - uitzonderlijk bij een softcover van deze omvang - niet breekt. Dat het formaat de afgebeelde affiches voortreffelijk recht doet, is eveneens een verdienste van het bureau V+K Design.

A Century of Posters bevat circa vierhonderd affiches en dat is ruwweg tien procent van het totale affichebezit van Martijn F. Le Coultre, verzamelaar en notaris te Hilversum. Het boek verschijnt bij de gelijknamige tentoonstelling (tot en met 24 maart) in De Beyerd te Breda, het centrum voor beeldende kunst waarvan de leiding zich heeft voorgenomen het om te vormen tot een museum voor grafische vormgeving. Met A Century of Posters loopt De Beyerd hierop vooruit - niet voor het eerst overigens, want voornoemd plan vereist nu eenmaal, om het netjes te zeggen, het rijp maken van vele geesten, in de hoop het museum in 2004 te kunnen realiseren.

De naam van Martijn F. Le Coultre is in de museumwereld geen onbekende. Wie een affiche zoekt voor een expositie of publicatie, komt niet zelden bij hem terecht of bij zijn collega-verzamelaar Werner Löwenhardt. Beiden schonken enkele jaren geleden hun posters van Nederlandse origine aan het Nederlands ReclameArsenaal, dat doende is de affiches toegankelijk te maken op de eigen website (www.reclamearsenaal.nl).

De oorsprong van de collectie-Le Coultre is klassiek. In 1975, hij is dan vijfien jaar oud, helpt Le Coultre een tante met het opruimen van wat rommel. Als hij een rol met affiches tegenkomt, waarschuwt tante die niet weg te gooien. Het zijn de laatste overblijfselen van een verzameling die zijn oom, de dan reeds overleden kunstcriticus Otto van Tussenbroek, aan het Stedelijk Museum in Amsterdam heeft geschonken. De jonge Martijn mag van zijn tante een affiche uitkiezen als beloning voor de verleende hulp. Hij kiest 'Etoile du Nord' van A.M. Cassandre uit 1927, op dat moment nog niet beseffend dat hij een van de mooiste affiches ooit gemaakt, mee naar huis neemt.

En hij doet wat elke jongen zou doen: hij prikt de poster met punaises aan de muur van zijn kamer, herstelt een scheurtje met plakband en vindt de poster extra mooi als de zon er op schijnt. De jeugdige eigenaar weet dan nog niet dat hij drie doodzonden begaat die op den duur het affiche ernstig zullen schaden.

Een kwart eeuw later beschikt Le Coultre over een collectie die imponeert door de enorme diversiteit. Alle iconen van de affichekunst zijn aanwezig: van het slaolie-affiche van Jan Toorop tot de man-met-de-oranje-sjaal van Toulouse Lautrec; van de zo geserreerde Manoli-affiches (sigaretten) van Lucian Bernhard uit het begin van de twintigste eeuw tot een affiche voor GISO-lampen van W.H. Gispen. De Russische Stenberg Brothers en de nagenoeg onbetaalbare Italiaanse ontwerper Marcello Dudovich zijn zelfs met meerdere affiches vertegenwoordigd.

Maar veel affiches zijn onbekend, maken dikwijls reclame voor een commercieel product en frapperen door hun hoge esthetische kwaliteiten. Affiches voor producten als schrijfmachines, sigaretten of auto's zijn bij elkaar gezet, hetgeen de grafische ontwikkeling goed zichtbaar maakt, en Alston W. Purvis beschrijft in een inleidende bijdrage de diverse stromingen in de affichekunst.

Martijn Le Coultre heeft intussen allang een gaver exemplaar weten te bemachtigen van het wereldberoemde affiche dat zijn tante hem ooit cadeau deed, en dat de basis zou vormen van zijn verzameling. Het wachten is op de negen boekdelen die zijn overige 3600 affiches in beeld brengen.